25 Okt 2010
Zalig toetje in vloek en een zucht! Men neme wat verschrompelde appeltjes die liggen te verpieteren omdat je al nieuwe, veel lekkerdere hebt of omdat de mandarijntjes nu zo zalig naar Sinterklaas smaken, en daarbij nog wat velletjes bladerdeeg die maar in de diepvries blijven liggen omdat je elke keer aan een nieuw pakje begint en suiker en roomboter, dat heb je toch altijd in de (koel)kast?
60 gram boter
160 gram suiker
3 appeltjes
5 blaadjes bladerdeeg
2 eetlepels water
Snuf kaneel
Doe de boter, suiker en het water in een koekenpan. Laat het op middelvuur, smelten en langzaam kleuren, blijf erbij! Schil en snijd ondertussen de appeltjes in kleine stukjes en bestrooi ze met kaneel. Haal het bladerdeeg uit de diepvries. Pak je 6 mini soufflé schaaltjes of een grote ovenvaste schaal en verwarm de oven voor op 200 graden.
Als het botermengsel lichtbruin kleur en de belletjes verdwijnen, gooi je de appeltjes in de pan, rol ze door het suikerbotermengsel. Laat nog eventjes bakken maar voorkom dat de boel aanbrand.
Als de appeltjes lekker onder de karamel zitten, kun je ze over de 6 bakjes of grote ovenschaal verdelen. Plak het bladerdeeg aan elkaar en rol uit en maak 6 dekseltjes voor in de soufflébakjes. Vouw het bladerdeeg een beetje naar de binnenkant en prik het deeg in met een vorkje. Zet de bakjes ongeveer 20 minuutjes in de oven )het bladerdeeg moet gaar zijn. Haal de bakjes uit de oven, keer ze direct om op een schoteltje )misschien moet je het randje even lossnijden met een mesje. Pas op voor uitlopende sappen, kan heet zijn.
Deze minitaartjes zijn zalig als toetje met een bolletje ijs, maar ook gewoon bij bakje koffie of limo!
Liever zelf je deeg maken, is wel lekkerder maar minder snel, check dan deze tarte tatin!
Laat een reactie achter: